Spiegelen

Waaraan spiegel je jezelf? Alles is zo relatief. Als ik me spiegel aan vrienden en bekenden, dan ben ik heel beperkt in mijn doen. Als ik me spiegel aan mensen die ik op mijn reizen heb ontmoet, heb ik alles wat mijn hart begeert. Ik ben dan misschien wel beperkt door mijn gewrichtsklachten, maar simpelweg de plek waar ik geboren ben maakt dat ik zoveel heb.  

Soms als ik me vergelijk krijg ik het gevoel dat het beter of anders moet. Vergelijk ik me met de een, dan vind ik plots dat ik meer of beter moet schrijven, of het ook in het Engels moet kunnen. Vergelijk ik met een ander dan krijg ik het idee dat ik een (betaalde) baan moet hebben of een succesvolle onderneming opgezet. 

Er zijn een heleboel manieren waarop je kunt vergelijken. Vergelijken met hoe het was of hoe je het zou willen.  Vergelijken met een ander, dichtbij of ver weg, in hoe goed je het hebt of hoe goed je het doet, om jezelf beter of juist om je slechter te voelen. 

Meestal is het geen volledige, eerlijke vergelijking.  Dat iemand anders wel kan lopen, betekent niet dat die ander het beter heeft dan ik. Aan de buitenkant kan ik niet zien hoe het voor diegene is.  Zo’n vergelijking is vaak ook gekleurd. In een negatieve bui vergelijk ik dat wat ik stom vind of mis in mijn leven aan datgene wat de ander wel heeft of kan. In een positieve bui stel ik juist datgene wat bij mij goed gaat tegenover wat de ander mist. Je vindt wat je zoekt. Wil je je rot voelen, dan kun je altijd wel iemand vinden die het beter doet of heeft. Andersom is er ook altijd wel iemand die jij de loef afsteekt.

Het is fijn om soms naar anderen te kijken om geïnspireerd te worden of juist te zien dat je het anders wil. Maar volgens mij houdt een gezonde vergelijking daar op. Een ander kan je niet vertellen hoe het leven goed is voor jou. Ik ben niet die ander. Ik leef in een heel andere situatie, met andere mogelijkheden, talenten en valkuilen, wensen en idealen. Ik heb mijn eigen weg te gaan. 

Als ik me weer eens vergelijk met een ander, weet ik nu: dat zegt waarschijnlijk meer over wat voor een bui ik heb, dan over hoe goed of slecht ik het doe.

Vragen voor jou

  • Aan wie spiegel jij jezelf? Helpt het je, of juist niet?
  • Denk eens terug aan een keer dat je je met een ander vergeleek, of de volgende keer dat je vergelijkt, vraag je eens af:
    • Waarmee vergelijk ik? (met hoe het eerder was, met hoe ik het wil of een ideaalbeeld, met een ander)
    • Waarin vergelijk ik? (met hoe goed ik het heb, met hoe goed ik het doe)
    • Waarom vergelijk ik? (om me goed te voelen, om me slecht te voelen, om mijn waarde eraan af te lezen, ter inspiratie)
    • Hoe vergelijk ik? (het negatieve bij mij tegenover het positieve bij de ander of vice versa, volledig/eerlijk) Kan ik het volledige plaatje weten? Leeft diegene aan wie ik mij spiegel wel in overeenstemming met mijn waarden?
  • Leef je het leven zoals het goed is voor anderen, of leef je zoals het goed is voor jou?